VorigeV.1Volgende

Pieter IJpelaan en Trijntje van Veen

Pieter IJpelaan, zoon van Cornelis IJpelaan en Willempje Pieters, zie IV.1, geboren ca. 1643, in 1685 vermeld als voogd over de kinderen van zijn zuster Dieuwer.

Pieter IJpelaan trouwt Alkmaar, Gereformeerd, 5 februari 1668 als Pieter Corneliszen met Trijntje Cornelis (1) [van Veen], dochter van Cornelis Lourensz. [Veen] en Ludu Cornelisdr. [Backer], zie onder V.9

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als koper genoemd in een transportbrief van 2 augustus 1651 [sic !], betreffende de verkoop van een huis en erve in de Schermer tegenover het Zeglis aan de noordzijde van de Schermerhornerweg. Kooppenningen niet genoemd. Aankomsttitel 17 juni 1645 (2).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als medeverkoper p.p. en testamentair voogd, genoemd in een transportbrief van 24 december 1665 betreffende de verkoop van een huis en erve in de Nieupoort. Tesamen met Claes Aeriënsz. IJpesteijn optredend als testamentaire voogd voor de kinderen (niet bij name genoemd) van Dirck Jansz. IJpesteijn die erfgenamen zijn van Trijn Dircxdr. die weduwe was van Jan Jacobsz. IJpesteijn (3).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als medeverkoper genoemd in een transportbrief van 15 mei 1666, betreffende de verkoop van een stuk land aan de Zuiderhouten, hij was verkoper van 40 Roeden en 4 voet. Medeverkopers zijn Dirck Jansz. Ruijter, Aelbert Jansz. Schilder en Cornelis Claasz. Tuijnman. Koper is de stad Alkmaar (4).

15 mei 1666, Mr. Cornelis Sevenhuysen en Mr. Pieter Vrijburch, schepenen in Alckmaer, verklaren dat Dirck Jansz. Ruyter, Pieter Cornelisz. IJpelaan, Aelbert Janssoon Schilder en Cornelis Claesz. Tuynman verkocht hebben aan de stad Alckmaer, in totaal omtrent 175 roeden land, bestemd tot uitbreiding van de Suyderhouten, gelegen benoorden deze houten, onder voorwaarde dat de Noorderdijck de stad en de verkopers elk voor de helft zal toebehoren. Met 2 zegels. (5).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als verkoper genoemd in een transportbrief van 6 mei 1667, betreffende een stuk teelland aan de noordzijde van de Zuiderhout. Koper is Jacob Cornelisz. Kalkovens, huurder voor 6 jaar is Harmen Hendriksz. (6).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als verkoper en erfgenaam genoemd in een transportbrief van 28 mei 1669 betreffende de verkoop van een stuk weiland genaamd Holland, Achtermeer te noorden van de Heilooërdijk, groot 630 Roeden. Erfgenaam van Pieter Dircksz. Kist. Medeverkopers zijn Piter Pitersz. Timmerman, Jacob Jansz. Cleef, Hendricq Prijs, welke ook mede te samen erfgenamen zijn voor 2/3 part. Verdere medeverkopers zijn Fredericq Willemsz. Timmerman, Adriaan Ottensz. Roskam, Jan Claasz., enz. (7).

Testament Alkmaar, 24 januari 1670, Pieter Cornelisz. IJpelaan en Trijntje Cornelis Veen :

« Inden naeme des Heeren Amen bij desen instrumente
sijeen ijder kenne[ijk] en openbaer, dat inden jaere nae
geboorte onses Heeres en Saligmakers Jesu Christi
1670 opten xxiiij januari des avonts de clock
ontrent acht uren voor mij Corn[eli]s Kessel not[ari]s publ[icq]
bij des Hove van Hollant gedamitteert, residerende
binnen der Stede Alcmaer en de naegenoemde
getuijgen gecompareert zijn de eersame Pieter
Corn[eli]sz IJpelaen en de eerbare Trijntie Corn[eli]s
Veen geechte man ende vrou woonende buijten der
Stadt Alcmaer aende Calckovens mij not[ari]s bekent
gaende en staende hij Pieter Corn[eli]sz en sij Trijntie
Corn[eli]s leggen sieckel[ijck] te bedde, doch beijde haere
redenen, memorie en verstande hebbende ende
gebruijckende, so claerlijk uitwendich bleek
dewelcke over denckende de cortheijt van
leven, de sekerheijt van de doodt, en de onsekerheid
uren van dien, verclaerden uijt vrijen wille ende met
voorbedachten gemoede gemaect te hebben
haer testament in manieren so volgt. Bevelende
eerst hare zielen in den grondelosen barmhertichheijt
Godes ende hare lichamen de Christel[ijcke] begravingen
comende voorts der dispositie van hare goederen hebben
sij malcanderen uijt sonderlinge liefde en maritale
affectie reciproce dat is over en wederover
genomineert en geinstitueert tot haere eenige
ende universele erfgenamen, te wesen de
eerststervende de langst levende van haer
beijden, in alle de goederen roerende en onroerende
gelts acties en credieten, linnen ende wollen, goud
en silver geen uijtgesondert, dat de [doorgestreept : laest]
[in kantlijn : eerst] overlijdende van haer testateuren eenichsints
metter doodt ontruijmen en naelaten sal, omme
bij de langst levende van hen erft en sterft[?]
behoudens beseten en gebruijckt werden
 
tgeene verstaet, verclaerden sij Testateuren
te wesen haer testament, begeren dat t seele [?]
cracht sal hebben, tsij als alsulcx, codicille
gift ter sake des doodts off onder de levende
off anders soo eens menschen laeste wille [?]
can bestaen, niettegenstaende eenige solemni
teijten hiertoe noodich mochten wesen naegelaten
versoecken daer van te zijn geexcuseert, versoe[ken]
voorts van dese geschrifte in gewoone wijse.
Aldus gedaen ten huijse van de testateuren
ter presentie van Jan Claesz Woorthouder
gesworen Roedfager[?] der voors[chreven] Stede Alcmaer
en Corn[eli]s Jansz van Goolen mijne clercq als
getuijgen hiertoe versocht, die dese minute nevens
de comparanten en mij not[ari]s hebben ondertekend
hen dage en jare voors[chreven]
pieter Cornelisz Ipelaen
Trinte Cornelis
Jan claasz Woorthouder
1670
corn[eli]s Jansz van Goolen
Corn[lis]
van kessel
not[ari]s publ[icq]»
 (8).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als medeverkoper genoemd in een transportbrief van 17 maart 1681 betreffende een huis met erf aan de noordzijde van de Koningsweg, tegenover de Lombardsteeg. Koopster Marietje Aldertsdr. (9).

Pieter Cornelis IJpelaan, overdracht aan Jan van Egmond van de Nijenburg van de Jan Albertsgeest op het Sandveld, 1 akte, 17 maart 1681, gedeeltelijk afschrift :

«[...] Nog compareerde voor ons onderget. Pieter Cornelisz. ijpelaen sijnde een soon en mede Erffgenaem van Cornelis Jacobsz. ijpelaen, ende sulcx gedeelt aent volgende lant. Inde bekende in dier qualita wettelijk [?] en tot een vrijen eijgendomme op te dragen, soo Hij doet bij dese, aen ende ten behoeve van den voorn[oemde]. edele Heere Johan van Egmondt van den Nijenburgh etc. de gerechte helfte in den Crofte geestlant, genaemt Jan allertsz [?], groot int geheel volgens spondingh boeck iiij:L [=54] roeden, belent Jan block ten suyden, en 't buyrelaentje ten noorden, van welcke vercopinge ende opdrachte de voorn[oemde]. comp[aran]t. hem bekend al en ten vollen voldaen te sijn, den laatsten penningen, metten Eerstens, so dat sij daer omme geloofde t vercogte te vrijen ende te waren, als men insgelijcken schuldich is te doen naer de Rechten, en t gebruyk van heyloo voorn[oemd]. Daarboven verbinden Hij comp[aran]t. generalijck alle sijne goederen, roerende, en onroerende geen vandien uytgesondert, subjecterende die allen rechten en Rechtens. Actum sonder fraude dat Toirconde hebbe ik schout voorn[oemd]. [etc.] den xvije maart xvi eenentachtig.» (10).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, als verkoper genoemd in een transportbrief van 28 januari 1682 betreffende de helft van een woning en stuk land in de Egmondermeer bij de Kalkovenbrug, erfgenaam van zijn echtgenote Trijntje Cornelisdr. Veen. Koopster: Maartje Aldertsdr. (11).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, wijlen, genoemd in transportbrief van 12 december 1683 betreffende een tuin met speelhuis buiten de Nieuwlanderpoort, gehuwd geweest met Trijntje Cornelisdr. van Veen, hun kinderen onder voogdij van Lauris Cornelisz. van Veen en Jan Grootemaat als mede-erfgenamen van Guurtje Laurisdr. van Veen (12).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, genoemd in een transportbrief van 28 februari 1684 betreffende een huis met erf aan de Westzijde van de Bloemstraat, hij is dan echtgenoot van wijlen Trijntje Cornelisdr. van Veen, en medevoogd over hun minderjarige kinderen, die mede-erfgenamen zijn van Guurtje Laurensdr. van Veen (13).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, medevoogd, genoemd in een transportbrief van 28 februari 1684 betreffende een huis met erf aan de oostzijde van de Kooltuin, zijn kinderen zijn medeerfgenamen van Guurtje Laurensdr. van Veen (14).

Pieter Cornelisz. IJpelaan, medeverkoper, genoemd in een transportbrief van 29 mei 1684 betreffende een huis met erf aan de zuidzijde van de Oudegracht, gehuwd geweest met Trijntje Cornelisdr. Veen en medeerfgenaam voor ¼ van Guurtje Laurensdr. van Veen, koper is Frederik Houtman (15).

Pieter Cornelisz. IJpelaen, medevoogd, genoemd in een transportbrief van 29 juni 1685 betreffende 2 stukken land aan de westzijde van de Zandersloot, hij is voogd over de kinderen van Jacob Willemsz. Kleeff en Dieuwertje Cornelisdr. IJpelaen (16).

Genoemd in transportbrief 12 januari 1694 in verband met een belending ten zuiden van een vervallen huis en werf in de Nieuwpoort (17).

Kinderen van Pieter IJpelaan en Trijntje van Veen :

  1. Cornelis Pietersz., zoon van Pieter Cornelis Ipelaen en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 2 december 1668,  (18), waarschijnlijk vroeg overleden.
  2. Cornelis Pietersz., zoon van Pieter Cornelisen en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 28 november 1669 (19), waarschijnlijk vroeg overleden.
  3. Luijdutje, dochter van Pieter Cornelisz. en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 3 februari 1671, trouwt Jan Miessen, volgt VI.0.
  4. Willemijntje, dochter van Pieter Cornelisz. en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 4 januari 1673 (20).
  5. Cornelis Pieters., zoon van Pieter Cornelisz. en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 1 september 1675 (21).
  6. Guertje Pieters, dochter van Pieter Cornelisz. en Trijntje Cornelis, gedoopt Alkmaar, Gereformeerd, 7 december 1677 (22).

Aantekeningen Aantekeningen

Met verbeteringen van Remko Ooijevaar te Heemskerk voor de transcriptie van de akte van 1670.

Vervolg Volgende


Noten

1. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 26, aktenummer 10945. Een andere Pieter Corneliszen trouwt Alkmaar, Gereformeerd, 30 oktober 1667 Breghje Jacobs (Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 26, aktenummer 10889), Bregje Jacobs begraven Alkmaar, Grote Kerk, 8 juni 1682, naar Koedijk, 5 gld. (Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 41, aktenummer 21353).

2. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk archief, inventarisnummer 155, fol. 66, nr. 135, 2 augustus 1651.

3. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk archief, inventarisnummer 159, fol. 224, nr. 96, 24 december 1665.

4. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 159, fol. 249, nr. 39, 15 mei 1666.

5. Zie : Inventaris stadsarchief Alkmaar, 1254-1815, deel 2: regestenlijst 1254-1810, inventarisnummer 1632, 886, 15 mei 1666.

6. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 162, fol. 9, nr. 59, 6 mei 1677.

7. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 160, fol. 189, nr. 75, 28 mei 1669.

8. Regionaal Archief Alkmaar, Notarieel Archief, inventarisnummer 274, fol. 167.

9. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 162, fol. 163, nr. 23, 17 maart 1681.

10. Regionaal Archief Alkmaar, Familiearchief Van Foreest / Van Egmond-Van den Nijenburgh, inventarisnummer vE, 259, 17 maart 1681.

11. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 162, fol. 224, nr. 21, 28 januari 1682.

12. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 163, fol. 61, nr. 150, 12 december 1683.

13. Regionaal Archief Alkmaar, Oud Rechterlijk Archief, inventarisnummer 163, fol. 69 verso, nr. 13.

14. Regionaal Archief Alkmaar, inventarisnummer 163, fol. 69, nr. 14.

15. Regionaal Archief Alkmaar, Oud-rechterlijk archief, inventarisnummer 163, fol. 90 verso, nr. 68.

16. Bron ? Te controleren.

17. Regionaal Archief Alkmaar, Oud-rechterlijk archief, inventarisnummer 165, fol. 11 verso, nr. 6, 12 januari 1694.

18. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 7.

19. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 7.

20. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 7.

21. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 7.

22. Regionaal Archief Alkmaar, DTB, inventarisnummer 8.


Start : 31 december 1999 | Laatst bijgewerkt : 23 december 2007